Pers

Verlaging van de registratierechten in Vlaanderen: op zich een goed idee, maar pas op voor de negatieve gevolgen

30 september 2021

De Vlaamse woonfiscaliteit zal er vanaf 1 januari 2022 helemaal anders uitzien. De Vlaamse regering heeft besloten om de registratierechten op bestaande woningen en appartementen vanaf volgend jaar te doen dalen van 6 naar 3 procent. Tegelijkertijd zullen de registratierechten stijgen van 10 naar 12 procent voor de aanschaf van een tweede woning. Op het eerste gezicht lijkt dit een goede zaak omdat het jonge gezinnen zal helpen om voor het eerst eigenaar te worden van een woning en het de arbeidsmobiliteit wellicht gaat vergroten. Maar als je deze maatregel wat meer in detail bekijkt, merk je dat de Vlaamse regering eigenlijk twee essentiële punten uit het oog is verloren: de gevolgen op vlak van duurzaamheid en ruimtelijke ordening. Bovendien wordt nieuwbouw door deze wijziging sterk benadeeld, terwijl het vaak kosten – en energie-efficiënter is om voor deze optie te kiezen.

Is de aanpassing van de Vlaamse woonfiscaliteit een goede zaak? Op bepaalde vlakken kan het absoluut een positieve impact hebben. Er wordt bijvoorbeeld verwacht dat het verlagen van de registratierechten op woningen en appartementen de arbeidsmobiliteit zal verhogen en dus zal leiden tot minder fricties op de arbeidsmarkt. Onderzoek door economen heeft aangetoond dat te hoge registratierechten de arbeidsmobiliteit afremmen, hetgeen onwenselijk is vanuit economisch oogpunt, omdat mensen dan minder snel verhuizen in functie van job opportuniteiten.

Duurzame nieuwbouw wordt afgestraft

De maatregel betekent enkel een stimulans voor mensen die een bestaand huis kopen op de secundaire woningmarkt. Jonge gezinnen die hun eerste woning aankopen via een professionele vastgoedspeler en kiezen voor nieuwbouw, krijgen geen duwtje in de rug voor de verwerving van hun enige en eigen woning. Hetgeen een pervers effect met zich meebrengt.

Ook op vlak van ruimtelijke ordening roept deze maatregel vragen op. Immers, de Vlaamse overheid zette het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen op, waarin wordt gestreefd naar meer wonen en werken in de nabijheid van knooppunten en voorzieningen.

Hetzelfde geldt voor duurzaamheid en klimaatdoelstellingen. De nieuwe Vlaamse woonfiscaliteit zal er wellicht voor zorgen dat meer mensen kiezen voor een bestaande woning of appartement om deze te renoveren, terwijl het kostenefficiënter en vaak duurzamer zou zijn om voor nieuwbouw te kiezen en hiervoor bestaande woningen volledig af te breken. Het is opvallend dat nieuwbouw wordt afgestraft, terwijl deze type woningen net aan zeer strenge energie-eisen voldoen en moeten leiden tot meer energiezuinigheid, wat toch ook een absolute prioriteit zou moeten zijn van de Vlaamse regering. Ook het feit dat de meeneembaarheid van de registratie vanaf 2024 zal worden afgeschaft, waardoor eerder betaalde registratierechten niet langer afgetrokken zullen kunnen worden van de registratiebelasting op de nieuwe aankoop, zal de groei op de woonladder verhinderen en zal ervoor zorgen dat de overstap van gezinnen naar nieuwbouw bemoeilijkt wordt.

“Bij Matexi zijn we van mening dat er in de aanpassing van de Vlaamse woonfiscaliteit ruimer gekeken zou moeten worden in functie van duurzaamheid en ruimtelijke ordening,” zegt Roel Helgers, markteconoom bij Matexi. 

Ons voorstel zou dus zijn om te evolueren naar een gedifferentieerd tarief dat rekening houdt met het grotere plaatje.
Roel Helgers, Markteconoom - Matexi
"Het verlaagde tarief van 3% zou bijvoorbeeld ook moeten gelden voor bouwgronden indien de koper zich daar binnen de 5 jaar vestigt in zijn enige en eigen woning. Duurzame renovatie is belangrijk, daar twijfelen we niet aan, maar ook (ver)nieuwbouw is duurzaam en vaak nog veel energie-efficiënter.”

Gerelateerde artikels